Posts tonen met het label Participatie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Participatie. Alle posts tonen

dinsdag 23 november 2021

Windmolens te Roodehaan? Een gewaarschuwd mens telt voor twee...



Windmolenpark Eemshaven. Foto Blogwachter, augustus 2019


'Reuring': ziedaar een veelgebruikte aanduiding voor een verzameling burgers geconfronteerd met een willekeurige op handen zijnde verandering in hun leefomgeving ('backyard').
Anders gezegd: het is niet goed, óf het deugt niet.

Neem de zes geplande windmolens bij het buurtschap Roodehaan in de stad Groningen.
'Tweedehands' nog wel!
En met vrolijke zuurstok-kleurtjes...
De geplande molens schámen zich niet eens voor zichzelf.
(Dit laatste in flagrante tegenstelling tot de recentste blessen van Staatsbosbeheer.)

Wat moet ik erover zeggen?
'Gehaktmolens voor trekvogels', aldus een omwonende.
Persoonlijk zie ik liever bomen, en dan druk ik me nog mild uit.

Wat moeten we eraan doen?
Inspraak, informeren, discussiëren, protesteren, accepteren: dat is het zo'n beetje.
De ervaring leert dat de meeste windmolens er tóch wel komen.
U wilt toch ook groene energie?
Nou dan!

Het oude liedje:
'Bewoners voelen zich genegeerd bij inspraak', meldt het Dagblad van het Noorden, 'zij hebben geen uitnodiging gekregen om te komen praten over de gang van zaken'.

Schandalig toch?!

Als ik het niet meer weet, grijp ik altijd maar weer naar boeken.
Fictie, zelfs (jawel).
Mijn 'guilty pleasure'.
Want ik lijd aan een hardnekkige voorkeur voor nutteloze verhaaltjes over niet-bestaande mannen en vrouwen.

Neem bijvoorbeeld de roman op onderstaande afbeelding, over de perikelen rond een gepland windmolenpark bij een afgelegen dorp in de voormalige DDR.




'Unterleuten' ('Ons soort mensen', 2016) is een vlot geschreven en hier en daar zelfs verschrikkelijk grappig boek.
Maar de beschreven inhoud, hoewel van begin tot eind uit de duim gezogen, is vooral verschrikkelijk WAAR.
Zoals bij alle goede kunst wordt in dit werk een stukje werkelijkheid wérkelijker gemaakt.
Want de Eerste Wet van de Fictie gaat ook hier weer op: hoe preciezer en genuanceerder je het uiterste individuele beschrijft, hoe universeler de lessen die hieruit te leren vallen.

Neem onderstaande citaten met betrekking tot een informatieavond voor burgers over een gepland windmolenpark in de nabije omgeving.
Citaten die wonderwel van toepassing zijn op de informatievoorziening van Staatsbosbeheer, zodra het gaat over (naderende) bomenkap.
Want op bomenkap reageren burgers soms net zo emotioneel ('reuring') als op geplande windmolens...
Een uitdaging voor de publieksvoorlichter!

Voor de burgers begint alles met de informatievoorziening.
Want een gewaarschuwd mens telt voor twee.

Zo ging het bijvoorbeeld in het fictieve dorpje Unterleuten (Zeh, p.156/157):

‘Hier ziet u een kadasterkaart van de regio’
[…]
‘Je kunt er niets op herkennen,’, zei Christina, de kleuterleidster.
‘Lichter maken,’, riep het meisje in de blauwe jurk, dat al eerder had gesproken.
‘Groter,’ kwam het van Jacob of Norbert.
P. 159:
‘Ik zal u uitleggen wat u op de plattegrond ziet.’
p.163:
‘Op de vervaagde projector op de wand viel onmogelijk te herkennen welke percelen de aanwijsgebieden precies omvatten. In de gauwigheid kon dus niemand zien van wie de bewuste stukken grond waren. Het onscherpe beeld was geen toeval. Zelfs het draaien aan de knopjes van de beamer maakte deel uit van een zorgvuldige enscenering. De laatste maanden had de verbazingwekkende meneer Pilz een methode ontwikkeld om zijn werk te doen.’

Zoek de overeenkomsten: onleesbare slights, een informatie-excursie in het (half)donker, zwarte blessen net boven de grond...
Het doelbewust achterhouden van informatie, vermomd als knulligheid: 'de andere verf was op'.
Maar verdomd, het wérkt (Zeh, p. 175):

‘De geheimhoudingsstrategie was een gouden greep gebleken. Niemand had de tijd gehad om zich op het thema windenergie voor te bereiden.’

En helaas niet uitsluitend te Unterleuten...

Interessanter nog is de veronderstelde psychologie van de dorpelingen.
Hierin zie je de hand van de echte professional (Pilz, in het geval van Unterleuten), in 'publieksvoorlichting'.
Deze ontwikkelde een 'methode' om, in het hol van de leeuw, 'je werk te doen'!

Samengevat door Juli Zeh (p.164):

‘Het was de kunst om de afkeuring tot het kookpunt op te schroeven, de woede vervolgens te laten verdampen en dan argumenten aan te dragen die duidelijk maakten dat er geen alternatief bestond voor het hele project. Op die manier ontstond de indruk dat het om complexe materie ging met een zekere noodgedwongenheid. Dat verwarde de mensen. Pilz hoefde geen instemming, alleen berusting.’

Lijvige romans van goede kwaliteit zijn dan ook vaak 'sociografieën': precieze beschrijvingen van een dorps- of grootstedelijke omgeving, met name van de sociale processen.
Als een sociologisch werk zonder wetenschappelijke pretenties, zou je kunnen zeggen.

Al in 1959 - 'de dramaturgie van het dagelijks leven' - schreef de socioloog Erving Goffman interessante dingen over het verschil tussen de 'voorstelling' en de 'werkelijkheid'.

Sociologen en romanschrijvers, één pot nat!
Voordeel van de sociologen (ondanks hun jargon) is dat ze - tenminste enigszins - wetenschappelijk onderbouwd hun beweringen (moeten) doen.
Neem het volgende citaat van Goffman (p.230):

'En het paradoxale daarbij is, dat hoe meer belang men stelt aan de realiteit die zich aan de waarneming onttrekt, des te meer men zijn aandacht moet richten op de uiterlijke schijn'

Uiterlijke schijn te Unterleuten: inspraak voor de burgers.
Pijnlijke realiteit te Unterleuten: het windmolenpark komt er tóch, en de burgers mogen uitvechten welke grootgrondbezitter aldaar de winst (150.000 euro per jaar) opstrijkt.

Of neem deze, van Goffman weer (p.230):

'Op dit punt echter krijgen communicatieve handelingen een moreel karakter. Men is immers geneigd de indrukken die door andere mensen gewekt worden, op te vatten als impliciet overgebrachte pretenties en beloften - en pretenties en beloften zijn moreel van aard'

Verplaatst naar Unterleuten: de pleuris breekt uit, en dat is - hoe je het wendt of keert - mede de verantwoordelijkheid van de keurige professional en zijn windmolens.
Knuppel in het hoenderhok!

Om het af te leren (sociologisch jargon) nog eentje van Goffman (p.231):

'Deze methode houdt in dat zij niet zozeer een bepaalde indruk van hun activiteiten laten opkomen als bijprodukt van die activiteiten zelf, maar hun referentiekader verleggen en hun energie geheel wijden aan het creëren van een gewenste indruk. In plaats van te trachten bepaalde doelen met acceptabele middelen te bereiken, kunnen zij trachten de indruk te wekken dat zij die doelen met acceptabele middelen bereiken. Het is altijd mogelijk de indruk te beïnvloeden die de observator hanteert als substituut voor de werkelijkheid. Immers: iets dat kan fungeren als teken voor de aanwezigheid van iets anders, kan ook gebruikt worden wanneer dat andere in het geheel niet aanwezig is. Het feit dat men als observator nu eenmaal altijd moet afgaan op een bepaalde voorstelling van zaken, schept de mogelijkheid tot het geven van een verkeerde voorstelling van zaken'.

Volgt u het nog?
Het is een wat complexe manier om te zeggen dat publieksvoorlichters niet noodzakelijk de waarheid vertellen.
In het bijzonder onaangename waarheden (windmolens, bomenkap), maar dit terzijde.
Een en ander vertaald naar Unterleuten (Zeh, p. 163):

'De laatste maanden had de verbazingwekkende meneer Pilz een methode ontwikkeld om zijn werk te doen.’

Voordeel van de romanschrijvers is, zoals ik al schreef, dat ze gewoonlijk beter formuleren (p.163):

‘In werkelijkheid waren de dorpelingen veel te fatsoenlijk om zich tijdens een vergadering met zijn allen op één persoon te storten.’

Ook over dit fenomeen schreef Goffman eerder, maar dat boek heb ik nu (gelukkig?) even niet paraat...
Samengevat: publieksvoorlichter Pilz is een keurige (jonge)man.
Net als - voorbeeldje - al die aardige boswachters van Staatsbosbeheer.
Hij doet gewoon zijn werk, en een beschaafd publiek gedráágt zich in zo'n geval.
Al is het maar omdat het beleid niet gemaakt wordt door publieksvoorlichters!

'Er is toch niets aan te doen', hoor ik de mensen al zeggen.
En zo kom ik uit bij waar ik begonnen ben: het windmolenpark komt er sowieso.
Daar hebben bij voorbaat ontmoedigde en/of weinig 'activistische' burgers beslist een punt.
Misschien kunnen de inwoners nog een beetje meebeslissen over de kleur.
Ik zou zeggen: liever zachte pastel- dan zuurstokkleuren, midden in een akker...

Vergelijk Unterleuten (Zeh, p.171)

‘Wat dus betekent dat de gemeenten níét verantwoordelijk zijn. Ook niet uw sympathieke burgemeester.’
[…]
‘Wezenlijke kwesties worden niet in Unterleuten bepaald.’
[…]
'De zaal zweeg. De mensen waren het wel gewend om te horen dat ze niets in te brengen hadden. Gek genoeg bracht deze mededeling geen woede teweeg, maar een slecht geweten. […] Misschien vonden ze het gênant dat ze ook maar een seconde het idee hadden gehad dat ze een stem hadden. Of ze schaamden zich dat ze niets tegen de machtsberoving ondernamen. Maar de waarschijnlijkste optie was dat hun slechte geweten voortkwam uit hun heimelijke opluchting. In werkelijkheid waren de mensen bij als ze niets hoefden te beslissen, en dus ook niets hoefden te begrijpen. Op die manier bespaarde je jezelf het vermoeiende nadenken over ingewikkelde kwesties en hield je evengoed het recht om je naar hartenlust te beklagen. Arne voelde hoe de mensen zich voorbereidden om tijdens de rest van de voordracht weg te dutten, om na afloop buiten luidkeels op die-daar-boven te gaan foeteren.’

Excuus.
Het is nadrukkelijk niet mijn bedoeling om wie dan ook te ontmoedigen. 

Ik probeer het nog eens: sta vroeg op, en heb Tijd, alsmede het nodige doorzettingsvermogen, voldoende vrienden (steun), een harde kop, geen overmaat aan sociale angsten, en - in het algemeen - 'focus'.
Een en ander om je énigszins effectief tegen het beleid van de (Nederlandse, Duitse) overheid te verzetten.
Of het nu gaat om windmolens ('Vento Direct' uit Unterleuten), bomenkap (Staatsbosbeheer), gasboringen (NAM), toeslagen of iets anders.
Je vecht tegen grote financiële belangen!

Gelukkig heb ik nog wel een tip, om de moed erin te houden.
Als het niet lukt om je tegen de overheid te verzetten, kun je in ieder geval met 'luidkeels foeteren' je voordeel doen.
Dat lucht op, én levert (ook nog iets) op.

Zo wemelt het in de Provincie Groningen van de gloednieuwe, poep-sjieke speelplaatsen, gefinancierd door de NAM.
Gulle giften, beloofd in dorpshuizen, aan diverse verenigingen Dorpsbelangen.
Mooi geregeld toch?

In de woorden van Juli Zeh (p.174)

‘En als er eens een dorpsfeest wordt georganiseerd, weet Vento Direct dat je daar het ene of andere vijftigliterfust voor nodig hebt.
Het gejuich bleef uit, maar niemand protesteerde.’

vrijdag 27 juli 2018

Ten Boersterbos: first in, first out? (oude bomen)

Het Ten Boersterbos - voor een Kruiswegger niet bepaald naast de deur - blijkt een opvallend mooi bos: groot, gevarieerd, passend in het landschap, hier en daar doelbewust ontworpen en tenminste deels behoorlijk op leeftijd.
Volgens de informatieborden broedt er zelfs een ijsvogel in dit bos!

Wat opvalt, tijdens mijn bezoek op 18 maart 2018, zijn de vele recentelijk tot de grond toe afgezaagde oude bomen. 
Helaas durf ik als leek niet te zeggen om welke bomen het precies gaat - één fout gokje en mijn geloofwaardigheid is in het geding - maar dat het in veel gevallen niet om essen gaat is wel duidelijk.
Essenhout is zeer licht van kleur, en de schors is glad en een beetje glanzend.
De stammen - de schors van de eik is onmiskenbaar - zijn helaas al weggehaald, en van de restanten is te weinig zichtbaar.
Dit is voor de leek lastig determineren.
Het omringende afgevallen blad zou een kleine aanwijzing kunnen zijn voor de soort waar het om ging.
De meeste restanten van oude bomen - veel jaarringen - in het Ten Boersterbos worden omringd door gevallen eikenbladeren.
Eén ding is zeker, zelfs voor een leek: deze bomen waren behoorlijk op leeftijd.
Vaak tel ik rond de 40 jaarringen en een enkele keer zelfs bijna 50:



Afgezaagde reus in het Ten Boersterbos,
18 maart 2018. Foto Blogwachter.

De in de Groninger kleibossen aangeplante essen zijn zelden zo oud.
Zonder zelfs maar al te diep het bos in te lopen vind ik tientallen tot op de grond afgezaagde restanten van fikse bomen:


Tot de grond toe afgezaagde bomen in het Ten Boersterbos,
18 maart 2018. Foto's Blogwachter.

Zowel hier als elders lijkt Staatsbosbeheer een opvallende voorkeur aan de dag te leggen voor uitgerekend de dikste en oudste bomen.
Nou ja, voorkeur: het is maar hoe je het noemen wilt. 
Liever dood dan levend lijkt hier het devies.
Sommigen bomen zouden essen kunnen zijn - regelmatige, rechte groei, relatief gladde stam - zoals de laatste van bovenstaande afbeeldingen, maar ook hier is het aantal eikenbladeren rondom de restanten opvallend, terwijl er nergens in de wijde omtrek een levende eik te bekennen lijkt.
Waar zijn de producenten van al dit afgevallen eikenblad gebleven?
Biomassa voor de kolencentrales, of toch een mooie kastje voor oma?
Laten we tenminste hopen op het laatste...


Informatiebord Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Nu het goede nieuws.
Ten Boer heeft een natuurminnende en opvallend actieve vereniging Dorpsbelangen.
Deze vereniging is trots op het bos en steekt dit niet onder stoelen of banken:


Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

In samenwerking met deze vereniging is veel goeds tot stand gekomen, zoals incidentele herplant van (fruit)bomen:


Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Tot een complete (hoogstam)boomgaard en een 'verborgen pluktuin' aan toe:


Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Het blijkt te gaan om een zorgvuldig uitgevoerde collectieve inspanning:


Informatiebord Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Er zijn diverse sponsors bij betrokken, waaronder - hoe kan het anders - de NAM:


Detail informatiebord Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Hoe zit dit eigenlijk precies?
Het terrein is toch van Staatsbosbeheer?
Hoe kan Staatsbosbeheer dan als sponsor optreden?
Dit bos valt toch onder hun verantwoordelijkheid?
Linksom of rechtsom: een en ander heeft geholpen.
In dit bos blijkt zelfs sprake te zijn van herplant van 'gewone' - niet fruitdragende - bomen:


Herplant Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

De stammen worden zelfs netjes met pvc beschermd tegen vraat, want herplant in een bestaand bos is geen sinecure:


Herplant Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Het Ten Boersterbos is een vriendelijk en gastvrij bos.
Zowel voor mensen (mits je de achtergrond even weg denkt):


Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Als voor vogels:


Detail informatiebord Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Die ijsvogel broedt vermoedelijk ergens hier, want voor zover ik weet is hij geen bosbewoner:


Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Ook is er een vleermuistoren, die echter volgens kenners niet optimaal functioneert.
Bijvoorbeeld omdat de jongen er meters naar beneden kunnen vallen en de materialisering - hout - evenmin op orde is.
Wel zijn de kasten geschikt als 'hotel' voor vleermuizen op doorreis: 


Vleermuistoren Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto's Blogwachter.

Wie op de heuvel klimt heeft uitzicht over een groot gedeelte van het bos:


Uitkijkpost Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto Blogwachter.

Helaas wordt je hier op dit moment niet echt vrolijk van.
Want ook in dit bos worden hele percelen kaal geslagen:


Kaalslag Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto's Blogwachter.


Wat overblijft aan bestaande bomen en onderbegroeiing lijkt op eigen kracht evenmin als elders bijzonder levensvatbaar:


Ten Boersterbos, 'verjongde' percelen; 18 maart 2018. Foto's Blogwachter.
Ook de bosbodem vertoont hier en daar vergelijkbare zware beschadigingen - veroorzaakt door de grote en zware oogstmachines - als bijvoorbeeld te Bedum:

Door harvester beschadigde bosbodem, Ten Boersterbos, 18 maart 2018. Foto's Blogwachter.

Dit betekent dat herstel van deze delen van het bos per definitie veel tijd zal kosten.
Maar de bewoners van Ten Boer lijken creatief:

Ten Boersterbos, verscholen hut; 18 maart 2018. Foto's Blogwachter.

Dus alles bij elkaar - dat wil zeggen ondanks de door Staatsbosbeheer aangerichte schade - stemt het bezoek aan het Ten Boersterbos positief. 

dinsdag 17 juli 2018

Huilende boswachter 'aan' Groningse Kruisweg

Misschien hebt u het al gehoord: de kap van het dorpsbos te Kruisweg (Kloosterburen) werd onverwacht stilgelegd. 
Veel informatie hierover heb ik nog niet, maar zeker is dat de Bomenridders er de hand in hebben gehad. 
Er blijkt door Staatsbosbeheer geen ontheffing te zijn aangevraagd/verkregen in verband met de in het bos aanwezige dieren (vleermuizen, spechten, sperwers, enzovoort).
En die ontheffingen schijn je dus nog altijd wel - dit ondanks het trefzeker uithollen van het merendeel van de natuurwetten door voormalig staatssecretaris Bleker - te moeten hebben als je wilt kappen.
Dit betekent dat er door Staatsbosbeheer illegaal wordt gekapt.
In dit geval te Kruisweg.
En niet voor het eerst, want ook in andere dorpen op het Hogeland waar eerder werd gekapt was dit vermoedelijk het geval.

De Bomenridders eisen dan ook handmatige kap.
Wat mij eveneens een uitstekend idee lijkt. 
Want ja, sommige essen zijn ziek, maar waarom moeten alle gezonde (niet)-essen dan meteen óók mee?
Zie vooral ook de foto's van de schade op de eerste dag van de kap, in een eerder vandaag door mij geplaatst stukje.

Maar nu iets anders.
Een journalist van het Dagblad van het Noorden bleek van mij te hebben gehoord.
Nou ja, niet van mij - dat wil zeggen met naam en toenaam - maar van de 'Rotterdamse weekend-bewoonster van Kruisweg'.
Zodra hij ging Googlen op 'bomen' en 'Kruisweg' om zich in te lezen in verband met een eventueel stukje over het stilleggen van de kap in het bos te Kruisweg stuitte hij op een wonderlijk verslag over een bijeenkomst met vier boswachters en dertig dorpsbewoners, te Kruisweg.

Oei. 
Ineens blijk ik niet de enige te zijn geweest die destijds een stukje schreef over deze bijeenkomst te Kruisweg.
Want Tjitske Zuiderbaan, een vertegenwoordigster van de politieke partij 50+, naar eigen zeggen voor 'alle jonge mensen boven de 49 jaar', blijkt deze happening eveneens te hebben beschreven, op een 50+ Blog.
Verkregen via: 50+ in Nederland
Ik citeer:
BLOG – In de zaal van het dorpshuis zijn dertig van de 330 inwoners van het Noord-Groningse dorp Kruisweg bij elkaar gekomen. Het zijn voornamelijk omwonenden van het essenbosje aan de Hogeweg. Staatsbosbeheer is met vier man vertegenwoordigd. 
Tot zover komt een en ander redelijk overeen met mijn eigen herinnering aan deze bijeenkomst.


Screenshot, 17 juli 2018, 50+ in Nederland

Maar dan komt het: 
Een Rotterdamse weekendbewoonster van het Groningse Kruisweg eist als eerste de microfoon. ’Doet Staatsbosbeheer dit niet om het eigen huishoudboekje op orde te krijgen? We weten allemaal dat essenhout goed hout is en dus geld oplevert. Staatsbosbeheer is financieel ongezond en kan de opbrengst van het hout goed gebruiken.’ Ze wijdt verder uit over het huishoudboekje en sleept ook Groen Links er met de haren bij.  
Die Rotterdamse weekendbewoonster, dat was ik.
Kan niet missen: zelfs de journalist van het Dagblad van het Noorden herkende mij erin, zonder mij ooit te hebben ontmoet...

Groen Links werd er overigens niet zomaar 'met de haren bijgesleept'.
Want GroenLinks politicus Harrie Miedema van de provincie Groningen had kort daarvoor in de krant gestaan met een bezorgde uitlating over de verontrustende afname van het aantal Groninger bossen in de afgelopen jaren.
Vandaar dus: best relevant eigenlijk.

Hoe dan ook wil ik alsnog mijn welgemeend excuus aanbieden voor de shock die ik - om wat voor reden dan ook - veroorzaakt heb:
Om haar heen rollen de ogen van de dorpsbewoners. Je ziet ze denken: ‘Import’. De vrouw heeft alle plekken in de provincie Groningen bezocht waar Staatsbosbeheer de zieke essen heeft moeten kappen. ‘Het is een slachtveld, helemaal kaal, echt helemaal kaal. Niet alleen de essen, ook de gezonde eiken en andere bomen zijn gekapt. Ik heb foto’s gemaakt, die kan ik laten zien, duizenden foto’s.’
Dat van die rollende ogen, daar is geen woord van gelogen.
Tjitske Zuiderbaan heeft goed opgelet.
'Import', inderdaad: je zág het ze denken.
Dat van die import werd me ook na afloop van de bijeenkomst flink ingepeperd door een bijna agressief geworden dorpsgenoot, die verklaarde dat ik niets over het bos te zeggen had, aangezien ik 'nooit in het bos kwam'.
Wat niet waar is, want ik loop er vaak, met de hond.

Dat van die duizenden foto's getuigt wederom van een scherpe opmerkingsgave.
Ik heb inderdaad duizenden foto's gemaakt, overal in de Groninger Kleibossen waar werd gekapt of die op de nominatie staan om gekapt te worden.
'Bewijsmateriaal' noemen ze dat ook wel, in de wetenschap. 
Screenshot, 17 juli 2018, 50+ in Nederland

Maar de merkwaardige aanduiding 'slachtveld' zal ík toch zeker niet gebruikt hebben?

Hoe dan ook, het ergste moet nog komen:
Zij weet goed hoe ze een heel dorp tegen zich in kan nemen. Er wordt onrustig op stoelen heen en weer geschoven. De kappers van Staatsbosbeheer verweren zich geduldig en zorgvuldig. Boswachter Dennis, een goeiige, gezellig ogende jongeman met stiekeltjes en een zilveren oorring, krijgt bijna tranen in zijn ogen als hij het over de staat van de aangetaste bomen heeft. Zijn liefde voor bomen is groot.

Kappers?!
Oh, ik snap het al, vanwege die 'stiekeltjes'.
Zouden de boswachters van Staatsbosbeheer elkaars haren moeten knippen, bijvoorbeeld vanwege het wat noodlijdende 'huishoudboekje' van Staatsbosbeheer en een daarmee eventueel samenhangend ontoereikend boswachters-loon?
Nee toch?!

Nu moet ik ineens bijna zelf huilen, als ik deze, wat je noemt gevoelvolle, interpretatie van een aanvankelijk toch vooral informatief bedoelde bijeenkomst herlees.
Als 'boswachter beheer' door het leven gaan - d.i. met gekleurde spuitbussen doodvonnissen markeren - en dan uitgerekend zó'n enorm grote liefde voor bomen hebben opgevat!
Alsof je... van dieren houdt maar bij wijze van 'tegenprestatie' voor je uitkering gedwongen wordt vrijwilligerswerk op een, tja, 'slachtveld' te gaan verrichten...

Helaas draai ik almaar om de hete brij heen...
Hoogste tijd om de dingen bij de naam noemen:
Zij weet heel goed hoe zij een heel dorp tegen zich in moet nemen.
Ik dus (alias Blogwachter).
Aiaiai.
Maar als ik eerlijk ben dan is hier evenmin een woord van gelogen.
Want die hele happening in dat dorpshuis pakte voor mij op zijn zachtst gezegd... nogal onprettig uit.
Eigenlijk waren de boswachters nog het aardigst: zij bleven beschaafd.

Ik was, nota bene, met de trein én met de bus - helemaal vanuit Rotterdam - gekomen.
Speciaal voor deze bijeenkomst.
Zelfde avond ook weer terug, want de volgende dag verplichtingen in Rotterdam.
Kostte best een hoop centjes ook.
Je zal maar van bomen houden!
En dan, ondanks al je goede bedoelingen, het héle dorp tegen je in het harnas. 
Lieve hemel: als ik dit geweten had, was ik liever thuis - ja u leest het goed: te Rotterdam! - gebleven!

Want alles liep die noodlottige zaterdag - nota bene de verjaardag van mijn man, die in Rotterdam achterbleef - in het honderd, tenminste voor mij.
Zoveel zal inmiddels wel duidelijk zijn:
De voorzitter van de dorpsvereniging breekt in in het relaas van de weekendbewoonster. ‘Er zijn meer mensen met vragen.’ 
Zo werd een en ander - onwillekeurig - een pijnlijk lesje zelfkennis.
Misschien leer ik er iets van (feedback).
De meeste mensen zeggen zulke dingen nu eenmaal niet recht in je gezicht.


Screenshot, 17 juli 2018, 50+ in Nederland

Maar ineens blijkt Tjitske afgeleid.
Want het volgende fragment gaat overduidelijk niet over mij:
Een wulpse blonde vrouw met een aardig bosje essenhout voor de deur dat benadrukt wordt door de verticale strepen in haar afgedragen trui, heeft een vraag namens haar zoontje.
'Essenhout'?
'Aardig bosje'?
'Afgedragen trui'?

Wie is de schrijfster eigenlijk, deze Tjitske?
Ik begin - ondanks mezelf - nieuwsgierig te worden.
Zo te zien is zij zelf óók best een 'wulpse' blonde vrouw:
Tjitske Zuiderbaan

Het laatste stukje van haar blog gaat over de excursie, met de dorpsbewoners, en de vier boswachters van Staatsbosbeheer, naar het dorpsbos:
Bij de hut van het zoontje van de wulpse vrouw aangekomen, schiet boswachter Dennis weer vol. De jongens hebben met messen in bomen gekerfd. Kriskras, niet eens een hartje met initialen. ‘Dit overleven die bomen niet. Ook als je bij het bouwen van een hut maar één roestige spijker in een boom slaat, kan dat de boom al fataal worden.’ Het is wel een mooie hut, alleen dat plastic dak had anders gemoeten. Plastic hoort wat de bosbeheerders betreft niet in een bos. Toch zullen ze hun best doen om de hut te sparen. Maar boswachter Dennis gaat wel een hartig woordje met de huttenbouwers spreken. Want hutten bouwen in het bos? Dan vooral touw gebruiken, veel touw. En geen spijkers, want dan moet boswachter Dennis echt huilen.
Ineens begint het me te dagen: Tjitske bedoelde dit alles ironisch.
Zij hanteert wat je noemt een superieure ironische stijl!
Wat een opluchting, pfoeh...
Ook dat van die 'weekendbewoonster', die een heel dorp tegen zich in het harnas jaagt met haar grote mond: het is alles maar een - ongetwijfeld goed bedoeld - gebbetje.


Screenshot, 17 juli 2018, 50+ in Nederland

Gelukkig kan ík nu mijn tranen drogen...
Nu die arme (maar 'goeiige') boswachter(s) nog.
Dagelijks noodgedwongen op het 'slachtveld' en dan tot overmaat van ramp door je collega's worden 'gekapt'?!
Laten we maar hopen dat het bovenstaande berust op een vervelend misverstand...

zondag 4 maart 2018

Onderdendam; knus dorpsbosje met specht, 4 maart 2018

Het dorpsbos te Onderdendam oogt romantisch, intiem bijna.
En dat op (vermoedelijk) één van de laatste winterse dagen van dit seizoen: 4 maart 2018.
Alles is nog kaal, grauw en winderig, maar toch is het er knus.
'Voor en door bewoners', is mijn indruk van dit bos, als toevallige passant.
Want ik ontdek dit bosje bij toeval, op weg naar Middelstum, waar ik de kap die deze weken gaande is wil fotograferen.

Dorpsbos te Onderdendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter

Vooral de randen van het Onderdendamsterbos, tevens de grens tussen de achtertuinen van een tiental dorpsbewoners en de openbare ruimte, zien er opvallend verzorgd uit.
Je kunt niet goed zien waar de tuinen ophouden en het bos begint.
Op het naambord staat een logo van Staatsbosbeheer.

Dorpsbos te Onderdendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter

Bij nadere beschouwing blijken hier toch niet uitsluitend dorpsbewoners aan het klussen en timmeren te zijn geweest.
Zo is er een ruime zithoek gemaakt, begrensd door houtwallen en met boomstronken om op te zitten.
Daar kun je wel een hele schoolklas in kwijt.
Er hangt een affiche bij van Landschapsbeheer Groningen.

Dorpsbos te Onderdendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter

Wat zou Landschapsbeheer Groningen eigenlijk vinden van de eventuele op handen zijnde kap?
Aan hen ga ik ook maar eens een briefje schrijven.

Dorpsbos te Onderdendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter. Vrij vertaald: 'Ga er maar even lekker bij zitten (Even uit...puffen?...rusten?...tja, dat heb je met die import...)

Of... is er in dit bos geen sprake van essentaksterfte en dus evenmin van naderende kap?
Ik wil niemand nodeloos ongerust maken, en ga slechts af op wat er momenteel gaande is in een groot deel van de Hogelandse (dorps)bossen.
Het Onderdendamsterbos lijkt al wel gemarkeerd, op de gebruikelijke wijze (linten, blauwe stippen).
Maar gek genoeg alleen de 'toekomstbomen' (zie afbeelding hieronder).
Betekenen de verschillende wit-groene linten (Staatsbosbeheer) in dit geval niets?

Dorpsbos te Onderdendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter

De ervaring leert dat het niet-blessen van de te kappen bomen geen goed teken is.
Gewoonlijk - referentie: 2017/2018, Staatsbosbeheer, Essentaksterfte, Hogeland: zie overige stukjes over Bedum, Uithuizen, Wehe den Hoorn, enzovoort - betekent dit dat zo ongeveer alles plat gaat, met uitzondering van de speciaal met linten behangen en blauwe stippen beschilderde - tot 'toekomstboom' uitverkoren - geluksvogels.
Want als er niet gekapt zou worden, was het tot 'toekomstboom' verklaren van enkelingen immers niet nodig geweest.

Staan hier vooral essen, net als in de meeste andere Hogelandse dorpsbossen?
Het is slecht te zien, in de winter.
Hieronder in ieder geval een aantal knotwilgen, die de kap zeker wel zullen overleven.
Al is het maar omdat ze de oogstmachines niet in de weg staan, noch veel opleveren, aan 'oogst'.
Het bankje is ook leuk.

Dorpsbos te Onderdendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter

Aan de bosrand, langs de akkers, zelfs een hele rij, categorie: groepsfoto met bankje.


Dorpsbos te Onderdendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter

Veel bomen in het 'Onderdendamsterbos' zijn metershoog begroeid met klimop, wat mooie beelden oplevert en veel nestgelegenheid biedt aan vogels.


Dorpsbos te Onderendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter

Het is dan ook een gekwetter van jewelste, in het Onderdendamsterbos.
Met enige regelmaat hoor ik het getik van een specht.
Niet ongewoon, in de Hogelandse dorpsbosjes.



Maar spechten hebben een eigen territorium.
Waar moeten deze vogels eigenlijk naar toe, na de grootschalige kap van al deze voornamelijk met essen beplante bossen?
Voordat de (eventuele) herplant een beetje is opgeschoten zijn we tientallen jaren verder.
Wel blijven er, zoals in alle dorpsbossen, enkele hoge kale stammen van dode bomen staan, ten behoeve van de spechten (zie afbeelding).
Of de specht hier genoeg aan heeft om zich thuis te voelen is nog maar de vraag.

Dorpsbos te Onderdendam, 4 maart 2018, foto Blogwachter

Duimen dus, voor de toekomst van dit - zelfs zonder groen - sfeervolle en intieme dorpsbosje te Onderdendam.
En dus voor de specht, en al die andere bewoners van dit bos.